direct naar inhoud van Artikel 2.1 Bos
Plan: Bestemmingsplan Buitengebied Arnhem Noord 2007
Status: onherroepelijk
Plantype: ex art. 10 WRO beheer/ontwikkeling
IMRO-idn: NL.IMRO.02020000701-

Artikel 2.1 Bos

2.1.1. Doeleinden

De op de plankaart als "Bos" aangewezen gronden zijn met inachtneming van het bepaalde in Artikel 2.27 bestemd voor:

  • a. behoud, herstel en ontwikkeling van het bos voor natuur, landschap en houtteelt;
  • b. het behoud of herstel van de op deze gronden voorkomende, dan wel daaraan eigen natuurwaarden, ecologische waarden, landschappelijke waarden en cultuurhistorische waarden;
  • c. vormen van extensieve recreatie, welke niet strijdig zijn met het behoud of herstel van bovengenoemde waarden;
  • d. wildwissels;
  • e. instandhouding van onverharde wegen;
  • f. wegen ten behoeve van bestemmingsverkeer;
    alsmede voor daartoe als zodanig op de plankaart aangegeven gebied voor:
  • g. onverharde parkeervoorzieningen;
  • h. strooiveld;
  • i. doelgroep kamperen;
  • j. houtopslag.
2.1.2. Bouwvoorschriften

Op de in 2.1.1 genoemde gronden mag niet worden gebouwd.

2.1.3. Vrijstelling

Burgemeester en wethouders kunnen vrijstelling van het bepaalde in lid 2.1.2 verlenen:

  • a. voor het oprichten van erf- of terreinafscheidingen met een maximale hoogte van 3 m, mits:
    - deze geen belemmering vormen voor de in het plangebied levende fauna;
    en
    - noodzakelijk zijn in verband met de veiligheid;
  • b. voor het oprichten van brandtorens;
  • c. voor het oprichten van voederbergingen of voederruiven voor wild, mits:
    - deze noodzakelijk zijn voor de instandhouding van het wild;
    - de inhoud ten hoogste 3 m3 per bouwwerk bedraagt;
    - de hoogte ten hoogste 2 m bedraagt;
  • d. voor het oprichten van bouwwerken ten behoeve van het bosbeheer en extensieve recreatie mits:
    - door de bouw de aanwezige natuurwaarden en landschappelijke waarden niet onevenredig worden geschaad;
    - de hoogte maximaal 2,5 m bedraagt;
    - de maximale oppervlakte 10 m2 per bouwwerk bedraagt.
  • e. Voor zover de vrijstelling betrekking heeft op gronden die zijn gelegen binnen het "grondwaterbeschermingsgebied" wordt geen vrijstelling verleend dan nadat hierover advies is ingewonnen bij de waterbeheerder.
2.1.4. Aanlegvergunningen

Het bepaalde in Artikel 2.28 is van toepassing